Download TH-SP 204
Transcript
NL 8. Opsporen en verhelpen van fouten 9. Vervanging van de netaansluitleiding (fig. 1) 1. De machine kan niet worden aangezet: • Netstroom ontbreekt. Controleer de stroomtoevoer. • Koolborstels versleten. Laat de koolborstels door een elektrovakman vervangen. Als de netaansluitleiding van dit apparaat beschadigd wordt, dan moet hij door de fabrikant of diens klantendienst of door een gelijkwaardig gekwalificeerde persoon vervangen worden, om gevaren te vermijden. 2. De machine wordt uitgeschakeld terwijl ze met nullast draait: • Stroomuitval (zekeringen controleren). Zekering door een elektrovakman laten vervangen. 10. Reiniging, onderhoud en bestellen van wisselstukken 3. De machine stopt tijdens het schaven: • Botte messen of te snelle aanvoer. Messen vervangen of aanvoersnelheid verminderen. 4. Snelheidsverlies tijdens het schaven: • Te grote snijdiepte. Snijdiepte verminderen. • Te hoge aanvoersnelheid. Aanvoersnelheid verminderen. • Botte messen. Messen vervangen. 5. Slechte oppervlaktoestand van het geschaafde werkstuk: • Botte messen. Messen vervangen. • Aanvoer ongelijkmatig. Werkstuk aanvoeren met constante druk en verminderde aanvoersnelheid. • Stofzuiginstallatie (niet bij de omvang van de levering begrepen) niet aangesloten. Stofzuiginstallatie aansluiten. 6. Spaanuitwerpopening geblokkeerd tijdens het vlak- of vandikteschaven: • Geen stofzuiginstallatie (niet bij de omvang van de levering begrepen) aangesloten. Stofzuiginstallatie aansluiten. • Hout te vochtig. 7. Ongelijkmatige aanvoersnelheid tijdens het vandikteschaven: • Rubberriem te los. Rubberriem controleren en, indien nodig, vervangen. • Vandiktetafel (20) vervuild. Vandiktetafel (20) schoonmaken en, indien nodig, behandelen met een glijmiddel. Trek vóór alle schoonmaakwerkzaamheden de netstekker uit het stopcontact. 10.1 Reiniging • Hou de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiespleten en het motorhuis zo veel mogelijk vrij van stof en vuil. Wrijf het toestel met een schone doek af of blaas het met perslucht bij lage druk schoon. • Het is aan te bevelen het toestel direct na elk gebruik te reinigen. • Reinig het toestel regelmatig met een vochtige doek en wat zachte zeep. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zouden de kunststofcomponenten van het toestel kunnen aantasten. Let er goed op dat geen water in het toestel terechtkomt. Door binnendringen van water in een elektrische apparatuur verhoogt het risico van een elektrische schok. 10.2 Onderhoud (fig. 1/15) Let op! Verwijder vóór elke onderhoudswerkzaamheid de netstekker uit het stopcontact! 10.2.1 Machine Smeer periodiek ca. om de 10 bedrijfsuren de volgende onderdelen: • lagers van de invoer-/uitvoerwalsen, antiterugslagklauwen (24) • lagers van de riemrol en -schijf • stangen met schroefdraad ter hoogteafstelling van de vandiktetafel (20) Gebruik uitsluitend droge smeermiddelen. Aanvoertafel (13), afneemtafel (14), vandiktetafel, invoer-/uitvoerwalsen en anti-terugslagklauwen (24) moeten principieel harsvrij worden gehouden. Vervuilde invoer-/uitvoerwalsen of antiterugslagklauwen (24) moeten worden schoongemaakt. Teneinde oververhitting van de motor - 98 - Anl_TH_SP_204_SPK7.indb 98 28.03.13 12:48