Download TPT320
Transcript
Zelftest Voor het starten van metingen met de TPT320, moet een zelftest worden uitgevoerd. Maak kortsluiting met de sondetips; de continuïteitsLED (continuity LED) zal branden en er is een continu/doorgaande toon hoorbaar. Deze procedure controleert of de batterijen voldoende stroom hebben om de spanningstester correct te laten werken. VOORZICHTIG: Deze test geeft niet aan of de tester de juiste voedingsspanning aangeeft; voor het controleren van de spanningsmeetcapaciteit van het apparaat, moet een bekende spanning of een toegewijd ijkingsapparaat worden gebruikt vóór en na het testen. Als alleen de spanningswaarschuwing-LED (Voltage warning LED) gaat branden(<50 V AC /<120 V DC) en het LCD-display leeg is, moeten de batterijen worden gecontroleerd. (Deze functie mag niet worden gebruikt als middel om spanningsaanduidingen te continueren.) Als de batterij leeg-aanduiding (Low battery indicator) in het LCD-scherm verschijnt, moeten de batterijen worden verwisseld. Continuïteitstest Zorg ervoor dat het te testen circuit niet wordt ingeschakeld. Koppel beide testsondes aan het circuit. De continuïteits-LED (Continuity LED) gaat branden en de zoemer klinkt continu om continuïteit < 500 kW aan te geven. Let op: Op het LCD-scherm is geen continuïteitsmeting beschikbaar. Diodetest Koppel de L1 - sonde aan de anode van de diode en de L2 + sonde aan de kathode. De continuïteits-LED (continuity LED) zal gaan branden en de zoemer zal klinken. Bij het omkeren van de koppelingen zal de continuïteitsLED (continuity LED) niet gaan branden en zal er geen geluid klinken.