Download EW1050H EW1060H
Transcript
3. Maak de filterzeef vast op het uiteinde van de inlaatslang. OPMERKING: • Als er lucht binnenlekt, kan er geen water worden opgepompt. LET OP: • Verwijder de filterzeef niet, anders zou aangezogen materiaal de pomp kunnen beschadigen. Controleer vooral of de slangklem stevig is vastgezet. CONTROLEPUNTEN VOOR HET GEBRUIK WAARSCHUWING: • Zorg altijd dat de motor gestopt is voordat u enig werk aan het apparaat gaat uitvoeren. Gebruik het apparaat altijd op een vlakke, stabiele ondergrond. • Controleer of er geen schroeven of verbindingen loszitten, voordat u de motor start. • Raak tijdens inspectie of onderhoud de motor niet aan met enig lichaamsdeel of kledingstuk, zolang de motor nog heet is. • Zorg vooral voor afdoende ventilatie. Wees op uw hoede voor koolmonoxidevergiftiging. INSPECTIE EN BIJVULLEN VAN MOTOROLIE (Fig. 4) Verricht de volgende procedure nadat de motor is afgekoeld. – Zorg dat de motor horizontaal waterpas staat. – Verwijder de oliepeilstokdop uit de opening om het oliepeil te controleren. – Controleer op de oliepeilstok of het oliepeil tussen het hoogste en het laagste peil staat. – Als het oliepeil tot onder het laagste peil is gedaald, vult u olie bij. – Het bijvullen van olie kan nodig zijn om de ongeveer 10 gebruiksuren (elke 10 keer dat u brandstof bijvult). – Als de olie van kleur is veranderd of als er vuil in is gekomen, vervangt u dan alle olie door nieuwe. Aanbevolen olie: SAE 10W-30 olie met API-classificatie Klasse SF of hoger (4-takt automotoren) Hoeveelheid olie: Voor model EW1050H: Ca. 0,08 L Voor model EW1060H: Ca. 0,1 L OPMERKING: • Als de motor niet precies horizontaal staat, kan de aanduiding van het oliepeil niet juist zijn en kunt u te veel olie bijvullen. Bijvullen van olie tot voorbij het hoogste peil kan leiden tot vervuiling van de olie en vrijkomen van witte rook. Motorolie bijvullen 1. Zorg dat de motor horizontaal staat en verwijder de oliepeilstokdop. 2. Vul olie bij tot aan de bovenste peilstreep. Verricht het bijvullen met een oliefles. 3. Draai de oliepeilstokdop stevig vast. Als de vuldop niet stevig dicht zit, kan er olie uit lekken. Na het olie bijvullen – Verwijder eventuele gemorste olie onmiddellijk met een poetslap. Olie verversen: Oliepeilstokdop – Verwijder stof of vuil rondom de olievulopening. 44 – Zorg dat de verwijderde oliepeilstokdop vrij blijft van stof of zand. Anders kan het zand of stof dat aan de oliepeilstokdop kleeft later problemen geven met onregelmatige olietoevoer of slijtage van de motoronderdelen. BRANDSTOF WAARSCHUWING: • Brandstof is licht ontvlambaar en giftig. Blijf uit de buurt van open vuur (sigaret, gasvlam, vuurwerk), elektrische vonken (bougie, accucontact, elektrisch circuit of schakelaar waarin kortsluiting kan optreden, lasbrander e.d.) wanneer u met brandstof omgaat. • Zet altijd eerst de motor af voordat u brandstof bijvult. Vul geen brandstof bij terwijl de motor nog heet is. • Ook in andere situaties dan het bijvullen, zoals bijvoorbeeld bij het overgieten van brandstof in een klein flesje of tankje, dient u bijzonder voorzichtig te zijn. • Na bijvullen draait u de brandstoftankdop stevig dicht en veegt u alle druppels gemorste brandstof zorgvuldig weg. Omgang met brandstof Wees altijd uiterst voorzichtig in uw omgang met brandstof. Brandstof kan stoffen bevatten die werken als oplosmiddelen. Het bijvullen van brandstof mag alleen verricht worden in een goed geventileerde ruimte of in de open lucht. Adem geen brandstofdampen in en houd de brandstof ver van u af. Als er regelmatig of langdurig brandstof op uw huid komt, kan die uitdrogen, hetgeen tot allergie en huidaandoeningen kan leiden. Als er brandstof in uw ogen spat, wast u ze uit met volop schoon water. Als er daarna nog irritatie van uw ogen te voelen is, raadpleegt u dan een arts. Opslagperiode van brandstof Brandstof moet worden gebruikt binnen een periode van 4 weken, ook bij bewaren in een speciale opslagtank in een koele, goed geventileerde omgeving. Anders kan de brandstof binnen een enkele dag al bederven. Opslag van het apparaat en de bijvultank – Bewaar het apparaat en de tank op een koele plaats zonder direct zonlicht. – Bewaar de brandstof nooit in een auto. Type brandstof: Deze motor is een viertaktmotor. Gebruik gewone loodvrije autobenzine met een octaangetal van 87 of hoger ((R+M)/2). Deze mag niet meer dan 10% alcohol bevatten (E-10). – Gebruik nooit mengsmering, of benzine met motorolie toegevoegd. Anders kan er overmatige koolstofafzetting plaatsvinden, met kans op mechanische storingen. Inhoud van de brandstoftank: Voor model EW1050H: 0,5 L Voor model EW1060H: 0,65 L Brandstof bijvullen (Fig. 5) 1. Zet de motor horizontaal waterpas. 2. Draai de brandstoftankdop een beetje los, om de overdruk uit de tank te laten. 3. Verwijder de brandstoftankdop en vul brandstof bij. VUL NOOIT brandstof bij tot aan de top van de tank. 4. Na bijvullen draait u de brandstoftankdop weer stevig dicht.