Download MS 100
Transcript
136 | Installatie 2.6 Aanvullende accessoires Exacte informatie over geschikte accessoires is opgenomen in de Nefit prijslijst. • • • • • • Voor zonnesysteem 1: – Zonnepomp; aansluiting op PS1 – Elektronisch geregelde pomp (PWM of 0-10 V); aansluiting op PS1 en OS1 – Temperatuursensor; aansluiting op TS1 – Temperatuursensor op eerste boiler onder; aansluiting op TS2 Bijkomend voor externe warmtewisselaar boiler 1 (E): – Warmtewisselaarpomp; aansluiting op VS1/PS2/PS3 – Temperatuursensor op warmtewisselaar; aansluiting op TS3 Bijkomend voor verlaadsysteem (I): – Boilerverlaadpomp; aansluiting op VS1/PS2/PS3 Voor thermische desinfectie (K): – Pomp thermische desinfectie; aansluiting op VS1/ PS2/PS3 Bijkomend voor warmtehoeveelheidsmeter (L): – Temperatuursensor in aanvoer naar zonnecollector; aansluiting op TS3 – Temperatuursensor in retour van zonnecollector; aansluiting op IS1 – Watermeter; aansluiting op IS1 Bijkomend voor verswatersysteem: – Circulatiepomp – Ventiel voor gevoelige retourvoeding – 2-4 ventielen voor cascade-opbouw Installatie van de aanvullende accessoires ▶ Installeer de aanvullende accessoires overeenkomstig de wettelijke voorschriften en de meegeleverde instructies. 2.7 Reiniging ▶ Indien nodig met een vochtige doek de behuizing schoon wrijven. Gebruik daarbij geen scherpe of bijtende reinigingsmiddelen. 6 720 815 256 (2014/10) 3 Installatie GEVAAR: Elektrocutiegevaar! ▶ Voor de installatie van dit product: toestel en alle andere BUS-deelnemers over alle polen losmaken van de netspanning. ▶ Voor de inbedrijfstelling: breng de afdekking aan ( afb. 15, pagina 198). 3.1 Installatie ▶ Installeer de module op een wand ( afb. 3 tot afb. 7, vanaf pagina 194), op een DIN-rail ( afb. 7, pagina 195), in een module of in de cv-ketel. ▶ Houd de handleiding bij montage van de module in een cvtoestel aan. ▶ Let bij het verwijderen van de module van de montagerail op afb. 8 op pagina 195. 3.2 Elektrische aansluiting ▶ Rekening houdend met de geldende voorschriften voor de aansluiting minimaal elektrische kabel model H05 VV-... gebruiken. 3.2.1 Aansluiting BUS-verbinding en temperatuursensor (laagspanningszijde) ▶ Bij verschillende aderdiameters een verdeeldoos voor de aansluiting van de BUS-deelnemers gebruiken. ▶ BUS-deelnemers [B] via verdeeldoos [A] in ster schakelen ( afb. 13, pagina 197) of via BUS-deelnemer met twee BUS-aansluitingen in serie. Wanneer de maximale totale lengte van de BUSverbinding tussen alle BUS-deelnemers wordt overschreden of in het BUS-systeem een ringstructuur bestaat, is de inbedrijfstelling van de installatie niet mogelijk. MS 100