Download A.O. Smith 290 Heat Pump User Manual
Transcript
1.3 Bedieningsmenu E0: Fabrieksinstelling Als het systeem niet functioneert zoals verwacht, zelfs wanneer de waarden zijn bijgesteld, en het onmogelijk is de oorzaak te lokaliseren, is het aan te raden om de instellingen in het schema te noteren. Daarna stelt u de waarde in op 1 en wacht tot de regelunit terugkeert naar de standaardinstellingen. Nu zijn alle waarden teruggezet naar de fabrieksinstellingen. U kunt nu opnieuw beginnen en de waarden instellen. Fabrieksinstelling: 0 E2: T9 temperatuur instellen Met deze sensor kan relais R9 worden aangestuurd, dat zal worden geactiveerd wanneer de waarde E2 bereikt wordt. Het R9 relais kan worden gebruikt om de driewegklep van de uitlaatlucht aan te sturen. Deze driewegklep kan het woongedeelte voorzien van koude lucht wanneer de ruimte de waarde E2 bereikt. U heeft voor deze functie een aparte sensor nodig die niet standaard meegeleverd wordt. De sensor moet worden aangesloten op het bedieningspaneel. Om toegang te krijgen tot het bedieningspaneel dient u de bovenzijde van de machine te verwijderen. E2 kan ingesteld worden tussen 10-30°C Fabrieksinstelling: 21°C E8: Functie desinfectie AAN/UIT Door de waarde op 1 in te stellen, zal de elektrische cartridge eenmaal per week warm water met een temperatuur van 65°C leveren om de tank te desinfecteren (anti-legionella functie) Fabrieksinstelling: 0 E9: Functioneren in koude omgevingen AAN/UIT Als de waarde op 0 is ingesteld, zal de warmtepomp zo lang draaien als er behoefte is aan warmte (= uitlaatlucht-functie). Bij gebruik van de warmtepomp met aanvoer van inlaatlucht uit bijv. de kelder bestaat de optie de compressor uit te schakelen wanneer de ruimte te koud wordt. In plaats daarvan zal het elektrische verwarmingselement het water opwarmen. De functie wordt geactiveerd wanneer de waarde is gesteld op 1 (=circulatieluchtfunctie). Het is ook mogelijk om het elektrische verwarmingselement automatisch in te schakelen om te helpen bij de verwarming van het water wanneer de temperatuur van de inlaatlucht beneden de in E10 ingestelde temperatuur ligt. De functie wordt geactiveerd wanneer de waarde is gesteld op 2 (= frisselucht-functie). Als de waarde 0 is, is de functie niet actief. Fabrieksinstelling: 0 E10: Functioneren in koude omgevingen Wanneer de functie E9 wordt geactiveerd, kan de temperatuur ingesteld worden waarbij de compressor zal uitschakelen of het verwarmingselement ondersteuning zal geven. De temperatuur kan worden ingesteld tussen -10 en +10°C. Fabrieksinstelling: -5 E15: Hygrostaat / stop unit Als de waarde 0 is, zal de snelheid van de ventilator wijzigen naar 3 wanneer de relatieve vochtigheid boven de vooraf ingestelde waarde van de hygrostaat ligt. Als de waarde 1 is, zal de unit stoppen wanneer de clips 25 en 26 contact met elkaar maken. Fabrieksinstelling: 0 24